Intermezzo Zwolle

Nazorgcentrum voor mensen met kanker en hun naasten

De kerst die geen kerst was

Bij IntermeZZo bouwen we soms een bijzondere band op met gasten. Zeker als mensen gedurende een lange of herhaalde ziekteperiode bij ons komen. Eén van onze gasten blijkt een begenadigd schrijver. Hij weet vanuit een heel persoonlijke manier van beschouwen, actuele onderwerpen in de tijd en in de context te plaatsen. En dat ook nog lekker leesbaar op te schrijven. We zijn verheugd dat we hem als IntermeZZo-gastblogger mogen verwelkomen.

Hij gebruikt het pseudoniem ARGUS (naar de razende reporter uit de verhalen van Marten Toonder)

ARGUS neemt ons mee in de tijd en deelt zijn beleving met zijn verschillende ‘kerstmissen’.

Kerstmis 2020 is een wel heel bijzondere voor ons allen. Wie had kunnen bedenken dat we het feest van het licht zullen vieren in een zó donkere episode in de wereld? In afstand tot elkaar en de mensen die ons dierbaar zijn? Ook bij IntermeZZo is het donker, letterlijk, want de locatie is voorlopig ook in lockdown. Geen kerstboom met wensen, geen nieuwjaarsbrunch. We hopen zodra het mogelijk is elkaar weer te mogen ontmoeten. Dat zal een poos na de kerst zijn. Voor nu wensen we vanuit IntermeZZo jou een warme en lichte decemberperiode toe. Het zal een memorabele kerst zijn, net als sommige van ARGUS

De kerst die geen kerst was …

We schrijven 20 december 2015.

Dit zinnetje, een kerst die geen kerst was, kwam ik tegen in een column van Marjolijn van Heemstra in Trouw, waar ze (in positieve zin) schreef over haar verblijf in een ziekenhuis met kerstmis.

Ik liet m’n krant zakken en dacht terug aan de laatste keer dat wij de kerst in een ziekenhuis doorbrachten. En aan de keer dat hetzelfde gebeurde voor althans een deel van de kerst… en eigenlijk had ik al eens vaker de kerst de mist in zien gaan in een verder verleden. En geen van die herinneringen deed pijn, integendeel.

Maar dan, wat is ‘de kerst’ nou eigenlijk. Het is, nu ik dit schrijf, bijna zover en vanmorgen hoorde ik op de radio iemand bepaalde exposities aanprijzen. Voor mijn gevoel kwam er net iets te vaak het woord ‘kerst’ en ‘sfeer’ in haar betoog voor. En uiteraard beide woorden in combinatie.  Want dat schijnt het toch vooral te zijn: sfeer. Betekenis? Hoezo?

Anno 2020

We schrijven november 2020, coronatijd. In november verschijnen de eerste artikelen al om de invloed van de maatregelen (en de ziekte) op het kerstgebeuren te duiden. Wát ze precies duiden weet ik niet en het boeit me niet. Waarom? Dat zal ik nu aan de hand van de hiervoor al aangeduide gebeurtenissen proberen te illustreren.

Ergens in de jaren 60

De eerste keer dat ik mijn kerst mis heb gelopen, was nog in mijn zeemanstijd, eind jaren 60.
Ik voer als werktuigkundige op een bevoorradingsschip dat in Zadar (Kroatië) was gestationeerd. Met twee schepen bevoorraadden we een booreiland in de Adriatische Zee. Uit oogpunt van veiligheid moest er altijd een schip in de buurt blijven voor eventuele noodsituaties, het andere was dan onderweg óf lag in de haven. 
Onze opdrachtgever was zo netjes om naar onze voorkeur te vragen: met de Kerst voor de wal óf met Oud en Nieuw. Onze voorkeur was om met de jaarwisseling binnen te zijn, de bemanning van het andere schip was liever met de kerst binnen.

We hadden normaliter een bemanning van zeven koppen maar zaten op dat moment tijdelijk met vijf man aan boord, omdat de kok en een matroos in het ziekenhuis waren beland door wat we een bedrijfsongeval zullen noemen.
Het was geen tragische gebeurtenis maar het plaatste ons wel voor een probleem want hoe doen we dat nou met het kerstdiner?

We staken de koppen bij elkaar en inventariseerden de mogelijkheden. Ik zag wel kans een garnalencocktail in elkaar te flansen. De 2e werktuigkundige durfde wel een kalkoen aan, iemand anders kon een dessert regelen en zo hadden we al gauw een 5-gangen diner op papier staan.

De 2e werktuigkundige ging de wal op naar de markt om daar een kalkoen te kopen. Alleen werd die levend afgeleverd en zelf slachten, dat ging hem iets te ver. Na enig onderhandelen echter werd het dier tegen een geringe meerprijs ter plaatse op de markt geslacht en kon hij het stoffelijk overschot mee nemen.

Geheel volgens de planning van onze opdrachtgever voeren we de dag voor kerst uit. De volgende dag hebben we ons diner eendrachtig geprepareerd, bereid én genuttigd terwijl we bij het booreiland voor anker lagen. Die sfeer, die viel niet te overtreffen.

Later, veel later, werd mijn moeder ernstig ziek.
Er was sprake van een tumor in de hersenstam en dat uitte zich onder andere in een toenemende vorm van afasie. Uiteindelijk sprak ze helemaal niet meer.
Met één uitzondering.
Mijn echtgenote Anna had roomsoesjes voor haar meegebracht. Die stopte ze in haar mond en toen zei ze ineens langzaam maar goed articulerend: “Verrukkelijk!”

Wij woonden ver uit de buurt en ziekenbezoek moest vaak worden gecombineerd met ergens uit eten gaan, maar deze keer mochten we in het ziekenhuis deelnemen aan het kerstdiner. Zo zaten we aan een tafeltje naast haar bed.

Op enig moment voerde ik mijn moeder en zei tegen haar: “De rollen zijn wel omgekeerd, ma. Vroeger moest je mij voeren en nu is het andersom” en toen, heel even, zag ik haar ogen oplichten en was er even contact. Dus heb ik toen een kerst gemist? Ik dacht het niet.

Anno 2012
We schrijven december 2012. Anna is nog niet zo lang thuis na haar hartoperatie en het lijkt fout te gaan. Op kerstavond gaan we naar de spoedeisende hulp van ziekenhuis de Weezenlanden in Zwolle waar we bijna met open armen ontvangen worden, zo rustig is het er.

Een klein team gaat met een echoapparaat aan de slag en stelt al gauw vast dat ze vocht rond het hart heeft. De arts wil gelijk wel opereren, maar door haar bloedverdunners kan dat niet zonder meer. Dus moet ze blijven. De volgende dag, eerste kerstdag dus, zijn haar bloedwaarden op orde en gaat ze weer onder het mes.
Het blijkt gelukkig een beperkte ingreep te zijn en op tweede kerstdag is ze voldoende hersteld om een goede maaltijd aan te kunnen. Ook nu scharen we ons rond een tafeltje in de ziekenkamer, waar we onder beperking zitten vanwege een inmiddels afgevoerde medepatiënt met een mogelijk besmettingsgevaar.

De enige andere patiënt, een oudere dame, at gezellig met ons mee.
We hadden een goed gesprek, het eten was voortreffelijk en door de ramen keek je uit over de stad. Een stad vol licht en gezelligheid. Maar nergens was de warmte zo voelbaar als in ‘onze’ ziekenkamer.

ARGUS

arrow-right arrow-down keyboard_arrow_down arrow-left plus-circle cross close search2 twitter2 facebook2 youtube2 linkedin2 envelope-o instagram2 menu play2 mobile2 users3 signal user whatsapp22 envelope-o2 quotes-left spinner2222 checkbox-checked checkbox-unchecked checkmark price-tag lightbulb_outline comment-square binoculars heart-o heart home bell building-o bullhorn star-o star truck magic-wand edit reply eye